Het Openbaar Ministerie heeft steeds meer last van versleuteling, waardoor berichten van verdachten niet of nauwelijks kunnen worden ontcijferd. Dat zegt officier van justitie Martijn Egberts tegen de NOS.

Ook de AIVD worstelt met versleutelde communicatie, laat een woordvoerder weten.

Het OM wil graag toch toegang tot versleutelde informatie. "Wat wij het liefst zouden zien is dat we, na toetsing door een rechter, toch bij die versleutelde informatie zouden kunnen", zegt Egberts. Dat zou kunnen betekenen dat bedrijven als WhatsApp toegang zouden moeten geven tot versleutelde berichten van gebruikers. WhatsApp zegt dat dat op dit moment niet mogelijk is.

Telefoontap
Egberts trekt daarbij de vergelijking met de telefoontap. Hij wijst erop dat het aftappen van telefoonverkeer overal ter wereld al tientallen jaren mogelijk is. "Het is toch wel opmerkelijk dat er nu zo veel manieren zijn om te communiceren zonder dat de overheid toegang kan krijgen." Overigens staat Nederland bekend als een land dat relatief snel naar de telefoontap grijpt.

Meer en meer apps bieden versleutelde communicatie aan, en telefoons zijn vaak standaard versleuteld. Bij versleuteling wordt informatie wiskundig door elkaar gehusseld, zodat onbevoegden bestanden en appjes niet kunnen bekijken. Communicatie wordt steeds vaker 'end-to-end' versleuteld, waarbij alleen de verzender en ontvanger kunnen meelezen, en zelfs de maker van de app geen toegang heeft tot de inhoud van berichten. Sinds dit voorjaar doet het populaire WhatsApp dat standaard.

Veiliger
Dat heeft veel voordelen. "Versleuteling maakt het internet voor ons allemaal veiliger", zegt Rejo Zenger van burgerrechtenbeweging Bits of Freedom. Versleutelde laptops kunnen door dieven niet worden uitgelezen en sterke encryptie maakt meelezen door hackers met kwade bedoelingen veel moeilijker. Daar is het OM het overigens mee eens. "Bedrijven en burgers moeten veilig kunnen communiceren", zegt Egberts.

Maar de politie en geheime diensten klagen dat versleuteling hen het werk moeilijker maakt: ook zij kunnen niet meer meelezen. Volgens Egberts gebeurt het dat onderzoeken stuklopen doordat verdachten encryptie gebruiken. "In het overgrote deel van onderzoeken naar georganiseerde misdaad komen we encryptie tegen, die het moeilijker maken om op te sporen", zegt Egberts. "Dan moet je denken aan liquidaties, afpersingen, drugszaken en kinderporno."

VN-rapport
Woensdag brachten de Verenigde Naties een rapport uit waarin experts aanstippen dat zelfs de meest geavanceerde inlichtingendiensten niet meer bij grote hoeveelheden communicatie kunnen. Daar staat tegenover dat bijvoorbeeld de aanslagplegers die in november een bloedbad aanrichtten in Parijs zonder versleuteling communiceerden, maar dat die aanslag niet kon worden voorkomen.

De roep om versleuteling aan banden te leggen klinkt luider sinds de recente aanslagen in Europa. De Franse minister van Binnenlandse Zaken pleit voor Europese maatregelen; dinsdag overlegt hij daarover met zijn Duitse collega. Ook Egberts van het Openbaar Ministerie pleit voor een Europese aanpak. "Het is de vraag of we toegang kunnen krijgen tot versleutelde informatie", zegt Egberts. "Er is geen simpele oplossing voor. Maar we zullen in elk geval in internationaal verband moeten praten over de vraag hoe we dit probleem het hoofd kunnen bieden."

Het omzeilen van encryptie is technisch ingewikkeld en ligt gevoelig. Een van de opties is om verdachten te hacken, zodat berichten kunnen worden onderschept voordat de encryptie wordt opgezet. Het kabinet wil dat al langer mogelijk maken voor de politie; de AIVD mag dat al. Maar dat levert op zichzelf ook weer privacybezwaren op; volgens critici is een hack een veel grotere privacy-inbreuk dan een telefoontap.

Achterdeurtje?
Een andere optie is om een achterdeurtje in te brengen in encryptie: de geheime diensten en de politie zouden dan een soort digitale loper kunnen krijgen om alsnog verkeer uit te lezen. Ook zouden chat-apps en telefoonbedrijven de opdracht kunnen krijgen om encryptie in bepaalde gevallen helemaal uit te schakelen.

"Dat is een heel slecht idee", zegt hoogleraar computerbeveiliging Michel van Eeten van de TU Delft. "Het verleden wijst uit dat dit soort achterdeurtjes misbruikt worden. Niet alleen door overheden, maar ook door criminelen, die de achterdeurtjes ontdekken." Van Eeten snapt de wens van overheden. "Maar als je encryptie verzwakt, doe je dat ook voor de 99 procent die geen kwaad in de zin heeft."

Dat vindt ook Bits of Freedom. "Het zou toch bizar zijn als de overheid de beveiliging van het internet omlaag wil schroeven?", vraagt Zenger van die organisatie zich af. "Daarmee zouden ze het werk van criminelen juist makkelijker maken." Die criminelen kunnen dan immers makkelijk bij gegevens van burgers, is de gedachte. Dat was dan ook de reden dat Apple niet wildemeewerken toen de FBI toegang wilde tot de telefoon van de San Bernandino-schutter.

Ook de Europese privacywaakhond EDPS keert zich tegen het afzwakken van encryptie. Achterdeurtjes zouden moeten worden verboden en onkraakbare encryptie moet worden toegejuicht, aldus die organisatie.

Wetsvoorstellen
Overigens zegt het kabinet in te zien dat goede encryptie van belang is, en dat het geen voorstander is van het afzwakken van encryptie. Maar tegelijkertijd zegt het kabinet in een rapport dat het een 'antwoord' wil hebben op encryptie waardoor communicatie van terroristen niet meer kan worden ingezien.

Wat dat antwoord precies is, wordt niet vermeld. Maar er liggen al een tijdje wetsvoorstellen klaar die de politie in staat stellen verdachten te laten hacken en waarmee de geheime diensten op veel grotere schaal mogen aftappen. De Raad van State en het parlement moeten zich daar nog over buigen.