Bij de aankoop van elektronische producten blijkt duurzaamheid steeds meer een criterium, zo blijkt uit onderzoek. Opvallend gegeven: twee derde van de ondervraagden denkt dat fabrikanten de levensduur van producten kunstmatig beperken om de verkoopcijfers hoog te houden.

Grote apparaten zoals wasmachines of koelkasten hebben in Nederland gemiddeld de hoogste levensverwachting, iets langer dan acht jaar. Kleine apparaten zoals smartphones gaan ongeveer vier jaar en tien maanden mee voordat ze worden vervangen. Dit blijkt uit onderzoek dat vorige maand is uitgevoerd door het internationale onderzoeksinstituut OnePoll in opdracht van reichelt elektronik, een grote Duitse online elektronicawinkel. Aan het onderzoek deden 4.000 respondenten mee, waarvan 1.000 uit Nederland.
Wanneer Nederlanders nieuwe elektronica aanschaffen, zoals computers, witgoed of smartphones, zegt 87 procent van de Nederlanders op duurzaamheid te letten. Meer dan een derde (35%) zegt dit zelfs te doen bij elke aankoop. De belangrijkste oriëntatie daarbij zijn de energie-efficiëntie-etiketten op het product, zowel in de fysieke winkels als online. 90 procent zegt altijd of soms de informatie op de etiketten te raadplegen.

(Iets) meer betalen
In principe blijken wij zelfs bereid een hogere prijs te betalen voor een duurzamer product - gemiddeld 6,9 procent meer. Het maakt daarbij nauwelijks uit of het om een mobiele telefoon, een wasmachine of een printer gaat. Voor een product tot 300 euro komt dit neer op een toeslag van een kleine 21 euro. Voor bedrijven is het dan ook duidelijk, zo stellen de onderzoekers, dat Nederlanders wel bereid zijn om meer geld uit te geven aan duurzamere producten, maar niet heel veel. Opvallend is dat jongeren duidelijk meer bereid zijn om een hogere prijs te betalen voor duurzame producten dan ouderen. Zo zou de leeftijdsgroep 18-24 jaar bereid zijn om gemiddeld 10,5 procent meer te betalen, terwijl de leeftijdsgroep 55+ slechts ene toeslag van 4 procent zou accepteren.

illu duurzaam koopgedrag

Tweedehands of repareren?
Ruim de helft van alle Nederlanders (53%) heeft wel eens een tweedehands elektronica gekocht, maar slechts 12 procent zegt dat duurzaamheid daarbij een rol speelde. De technische specificaties zijn belangrijker: 20 procent zegt dat de nieuwste technologie doorslaggevend is voor de aankoop van een nieuw product.
Ook is een krappe meerderheid van de Nederlanders (54%) het erover eens dat het repareren van een kapot elektrisch apparaat in principe zinvol is. Maar liefst 72 procent heeft dat wel eens zelf gedaan of door een professional laten doen. De belangrijkste redenen om een apparaat niet te laten repareren, zijn dat de verwachte kosten hoger zijn dan een nieuwe aankoop (72%) of dat het oude apparaat de nieuwste technologie niet aankan (30%).

Opmerkelijk is dat de overgrote meerderheid van de Nederlanders een berekening achter een defect apparaat vermoedt: 66 procent gaat ervan uit dat fabrikanten de levensduur van sommige producten kunstmatig beperken om de verkoopcijfers hoog te houden.

Hoe zit het met recycling?
Hoewel de meeste Nederlanders op de hoogte zijn van de gevaarlijke stoffen in oude elektrische apparaten (77%), moet er nog een inhaalslag worden gemaakt wat betreft de kennis over recycling: meer dan driekwart (76%) gaat ervan uit dat oude apparaten via recyclingcentra moeten worden verwijderd. Slechts iets meer dan de helft (55%) weet dat apparaten ook kunnen worden teruggebracht naar fysieke winkels of online retailers. Online winkels zijn zelfs verplicht om afgedankte apparaten in te nemen.

Tot slot: de aloude opvatting dat fysieke winkels per se milieuvriendelijker zijn dan webshops lijkt steeds meer te wankelen: weliswaar zegt 54 procent van de Nederlanders fysieke winkels nog steeds als duurzamer te beschouwen, maar alleen als ze er met duurzamere vervoermiddelen kunnen komen, zoals de fiets, e-auto of openbaar vervoer. 39 procent denkt dat een online winkel milieuvriendelijker is dankzij gebundelde leveringen.