Vier op de tien Nederlanders bedienen hun smart home-producten het liefst met de smartphone. Tablets en slimme speakers blijven met een voorkeur van 7 en 6 procent op flinke afstand. Dit blijkt uit onderzoek van Multiscope onder 6.300 Nederlanders.

Omdat steeds meer huishoudens slimme producten bezitten, wordt de behoefte aan een centraal besturingssysteem ook steeds groter. De smartphone is volgens de meeste consumenten het beste apparaat hiervoor (39 procent). Op ruime afstand volgen de traditionele afstandsbediening (8 procent ) en de tablet (7 procent). De slimme speaker staat op plaats vier met een voorkeur van 6 procent.

Wantrouwen tegen slimme speakers
Dat zoveel mensen de voorkeur geven aan hun smartphone om hun slimme huis aan te sturen, heeft er ongetwijfeld mee te maken dat bijna iedereen al een smartphone heeft. En dus enerzijds al gewend is om daarmee om te gaan en anderzijds dat apparaat altijd onder handbereik heeft. Onderzoeksbureau Multiscope signaleert echter ook een negatief sentiment onder Nederlanders ten opzichte van slimme speakers. Volgens Multiscope staat ongeveer een derde (32 procent) negatief tegenover spraakcommando’s. Bijna de helft van Nederland (45 procent) staat er neutraal in en slechts 22 procent is er positief over. Deze laatste groep bestaat voornamelijk uit mannen en 18- tot 49-jarigen. Naar de redenen voor dat wantrouwen heeft het bureau jammer genoeg niet gevraagd. Eerder meldde het bureau dat ruim 1,5 miljoen huishoudens in Nederland inmiddels een slimme speaker bezitten. Het merendeel betreft de merken Sonos en Google.

Smart Home blijft groeien
Volgens dezelfde Smart Home Monitor van Multiscope (let wel: deze cijfers zijn uit maart 2020) heeft inmiddels meer dan twee op de vijf huishoudens (42 procent) één of meerdere slimme producten in huis. De populairste producten zijn slimme thermostaten (21 procent), speakers (19 procent), verlichting (17 procent), schakelaars (13 procent) en beveiligingscamera’s (10 procent).