Microsoft heeft zijn Productivity Score voor bedrijven aangepast, zodat resultaten niet meer direct te herleiden zijn tot individuele werknemers. De 'arbeidsproductiviteit' wordt nu alleen nog op organisatieniveau gerapporteerd.

Het gros van de bedrijven werkt met kantoorsoftware van Microsoft en het samen- en thuiswerken is dankzij werken in de cloud er een stuk makkelijk op geworden. Het klinkt dan ook logisch, dat Microsoft zijn klanten vertelt hoe het personeel met die geïnstalleerde software omgaat. Met welke programma’s ze werken, hoe lang en of ze daarin samenwerken met collega’s. Het bedrijf voorziet zijn klanten dan ook van Productivity Scores, die het programmagebruik bijhouden, analyseren en rapporteren. De baas kan zo zien hoeveel er wordt vergaderd, hoeveel mails er worden verstuurd, et cetera.

‘Enige verwarring’
Sinds kort draaide Microsoft een testversie waarin die scores over een periode van 28 dagen werden gerapporteerd inclusief gebruikersnamen, dus tot de individuele werknemers aan toe. Maar daar is het softwarebedrijf nu van teruggekomen, na “a lot of conversation” en “some confusion”, zo meldt Microsoft-baas Jared Spataro op diplomatieke wijze in zijn blog. Deze blog draagt dan ook de titel Our commitment to privacy in Microsoft Productivity Score. “Als reactie op feedback van de afgelopen week verwijderen we deze functie volledig”, voegt Spataro eraan toe.

Het bedrijf geeft toe dat de balans tussen ‘meten is weten’ - data-driven insights in hun jargon - en privacy ditmaal naar de verkeerde kant is uitgeslagen. De Microsoft-VP zegt dat het nooit de bedoeling is geweest om het werk van individuele werknemers te meten en dat voortaan alleen nog op organisatieniveau wordt gerapporteerd: “Onze wijzigingen zullen de privacy voor eindgebruikers versterken, terwijl IT-professionals nog altijd in staat worden gesteld om de adoptie van productiviteitsapps en -services in Microsoft 365 door hun organisatie te meten en te beheren.”

 

content collab