Een overheidsprogramma dat bijstands- en woningfraude moet opsporen ligt onder vuur. Onder andere de FNV en mensenrechtenorganisaties willen dat het gebruik van SyRI gestopt wordt.

SyRI (Systeem Risico-Indicatie) is een systeem van het ministerie van Sociale Zaken en bestaat uit algoritmes die allerlei gegevens van diverse overheidsinstanties kunnen inzien. Gegevens zoals die van de Belastingdienst, het UWV en gemeenten. Met dit systeem beoogt de overheid beter fraude op te sporen. Het systeem blijkt echter enorme gebreken te hebben.

“SyRI maakt burgers zonder aanleiding verdacht” zegt Ronald Huissen van het Platform Bescherming Burgerrechten tegen de NOS. Hierdoor mag SyRI door teveel gegevens van burgers inzien en wordt de privacy van de individu geschonden. SyRI heeft toegang tot informatie over je inkomen, woonsituatie, zorgverzekering, toeslagen, inburgering, schulden en onderwijs. Al deze informatie wordt meegenomen door SyRI en hierdoor kan het algoritme waarschuwen dat een burger misschien fraudeert.

Een ander probleem is dat de exacte werking van het systeem geheim is. De instanties achter SyRI willen de werking niet delen met de pers en burgers in verband met veiligheidsredenen. Maar op deze manier is er geen onafhankelijke controle op dit systeem. Een VN-rapporteur voor de mensenrechten uit felle kritiek op dit surveillance systeem: SyRI kan leiden tot een technologische surveillancestaat.

Het is ook nog eens onduidelijk of SyRI daadwerkelijk effectief is in fraude opsporen. De geheimhouding over dit systeem helpt natuurlijk niet. SyRI is getest in Rotterdam, Eindhoven, Capelle aan den IJssel en Haarlem, maar in elk van deze steden zijn er technische problemen geweest. Dit zorgt voor weinig vertrouwen in SyRI.