Midden- en kleinbedrijf Nederland ziet een toename in ransomware-aanvallen die op hun gericht zijn. Bedrijven moeten dan tussen de duizenden en miljoenen euro’s betalen voordat ze weer bij hun gegevens kunnen.

Het feit dat bedrijven vaker worden uitgekozen voor ransomware heeft met het potentiële geld te maken. Huishoudens hebben vaak simpelweg het geld niet om gijzelaars te betalen. Bedrijven aan de andere kant hebben soms simpelweg geen keus en moeten dan wel betalen. Een bedrijf dagenlang stilleggen terwijl reparateurs langskomen is vaak al duurder dan simpelweg de gijzelaars betalen. In het ergste geval kunnen bedrijven zelfs failliet gaan.

Onderzoekers van gijzelsoftware merken dat cybercriminelen doelgerichter te werk gaan dan vroeger. Jaren geleden stuurden cybercriminelen e-mails met virussen naar honderden adressen tegelijk. Op die manier hoopten ze een hit te krijgen doordat iemand dan het virus zou downloaden. Tegenwoordig doen criminelen iets meer hun best en doen ze onderzoek naar hun doelwit. Op deze manier leren ze de zwakheden van hun doelwit en kunnen ze meer schade aanrichten en meer data in gijzeling nemen. De gijzelaars richten zich ook niet meer op individuele computers maar op de onderliggende infrastructuur: de servers. Op deze manier kunnen ze het hele systeem platleggen en een bedrijf stilzetten.

In oktober 2019 is het aantal ransomware-aanvallen toegenomen met 15 procent. Bedrijven willen hier niet over praten en medewerkers weten dat ze hun baan kunnen verliezen als ze met de pers praten. Een geval van ransomware was in de stad Baltimore in mei. Toen werd de overheid in Baltimore geïnfecteerd met ransomware en ze besloten om niet te betalen. Dit is wat de politie ook adviseert. Beloon criminelen niet met het betalen van het losgeld. De gemeente Lochem hier in Nederland heeft ook een aanvaring gehad met gijzelsoftware, maar zij verloren maar een dag voordat de systemen weer actief waren dankzij de ingevlogen beveiligingsonderzoekers.