Het Europese onderzoekscentrum CERN gaat de komende jaren op zoek naar opensource alternatieven omdat de licenties die het nu van Micrsoft afneemt te duur worden.

CERN is met name bekend om de deeltjesversneller LHC (Large Hadron Collider) en gebruikt al jaren producten van Microsoft. Daar betaalde het tot voor kort relatief weinig voor, omdat de instelling als academisch instituut speciale kortingen kreeg. Die korting verdwijnt omdat het instituuut niet meer als zodanig wordt aangemerkt en de kosten in daardoor worden bepaald door het aantal gebruikers. Daardoor vallen de licentiekosten ruim tien keer zo hoog uit.

"Gezien de samenwerkende aard van CERN en zijn brede gemeenschap, is een groot aantal licenties nodig om diensten aan iedereen te kunnen leveren. Als de traditionele businessmodellen, die per gebruiker tellen, worden toegepast, kunnen de kosten enorm worden en wordt het onbetaalbaar op lange termijn", schrijft CERN in een blog.

Daarom werkt het onderzoeksteam sinds een jaar aan MAlt. Dat staat voor Microsoft Alternatives project: een plan om geleidelijk aan Microsoft-technologie - en die van andere commerciële partijen - te vervangen door opensource-alternatieven. Zo wil het instituut minder afhankelijk worden van de risico's die commerciële voorwaarden kostentechnisch met zich meebrengen, maar ook te grote afhankelijkhied van een partij voorkomen en wil het zijn eigen data kunnen beheren.

CERN heeft nog wel met Microsoft de afspraak kunnen maken dat de licentiekosten geleidelijk zullen stijgen en de prijs niet direct met een factor 10 stijgt. Maar uiteindelijke zal de kostprijs voor de onderzoeksinstelling niet haalbaar zijn. De eerste stap vindt al in de komende maanden plaats wanneer een deel van de medewerkers en vrijwilligers een andere mailservice gaat testen. Ook werkt het bedrijf aan vervanging voor Skype for Business.