Apple is in de Verenigde Staten aangeklaagd, omdat de videochatdienst FaceTime in iOS 6 onbruikbaar werd. Volgens de aanklagers heeft Apple dat bewust gedaan, waardoor mensen noodgedwongen moesten updaten naar iOS 7.

Het betreft volgens Appleinsider een zogeheten class-action rechtszaak, waar gedupeerden zich bij kunnen aansluiten.

Apple stapte in iOS 7 over naar een nieuwe verbindingstechnologie voor FaceTime, omdat het systeem in iOS 6 maandelijks teveel geld kostte. De techgigant was in iOS 6 genoodzaakt een dure methode te hanteren, omdat het goedkope alternatief gepatenteerd bleek te zijn.

Een jaar na het verschijnen van iOS 7, werkte FaceTime ineens niet meer in iOS 6. Het certificaat voor de oude, duurdere verbindingstechnologie zou zijn verlopen. Het bedrijf adviseerde klanten om te updaten naar iOS 7 om FaceTime te gebruiken.

Volgens de aanklagers liet Apple het certificaat bewust eerder verlopen, om zo de duurdere verbindingstechnologie van iOS 6 te laten vallen.

Klanten van Apple zouden hierdoor zijn gedupeerd, omdat oudere iPhones problemen hebben met iOS 7. De iPhone 4 en iPhone 4S hadden volgens de aanklacht last van traagheid, systeemcrashes en bugs met het nieuwe besturingssysteem.